Kies bij het aanmaken van je tornooi de sport Darts. Het platform schakelt dan automatisch een reeks darts-specifieke functies in: eindronde A én B, schrijvers (markeerders), legs per ronde, check-in op de dag zelf en de statistieken 180's en Hoogste finish. Voeg elke speler toe als deelnemer (bij darts is een "ploeg" gewoon één speler).
Laat spelers gerust vooraf online inschrijven — het definitieve schema maak je pas als je weet wie er effectief is. Op het tabblad Deelnemers vink je op de dag zelf elke aanwezige speler aan (aangemeld); een teller houdt bij hoeveel spelers er zijn. Klik daarna op Schema met aangemelde spelers: het platform maakt in één klik de poules, het poulewedstrijdschema én eindronde A+B met enkel de aanwezige spelers. Wie niet aangevinkt is, blijft gewoon buiten de indeling. Komt er toch nog iemand binnen? Vink hem aan en genereer opnieuw.
Kies op het tabblad Indeling het formaat Poules + eindronde A/B (of gebruik de check-in-knop hierboven). Je spelers worden verdeeld in poules van (ongeveer) 4 en er worden meteen twee knock-outtabellen aangemaakt:
De plaatsing volgt de gebruikelijke darts-regels: in de eerste ronde speelt een poulewinnaar altijd tegen een tweede uit een andere poule, en twee spelers uit dezelfde poule kunnen elkaar pas in de finale opnieuw treffen. Bij een oneven aantal deelnemers krijgen de poulewinnaars automatisch de vrijstellingen (byes). Het maakt dus niet uit of je 32, 35 of 38 inschrijvingen hebt — het schema wordt telkens correct herrekend.
Beide eindronden worden parallel over de blokken (terreinen) gepland, zodat A en B gelijk opschuiven.
Elke wedstrijd krijgt automatisch een schrijver toegewezen:
De schrijver staat op de wedstrijdkaart in het schema, op de live-pagina (✏️) en op de afdrukbare kaartjes. Wil je een andere schrijver? Kies gewoon een andere naam op de kaart — handmatige keuzes blijven staan. Met de knop Schrijvers toewijzen herreken je alle automatische toewijzingen.
Bij de schema-instellingen kies je de formule:
In beide gevallen blijft eindronde B op het basisaantal, ook in de B-finale. Het aantal ("naar 3 legs" of "naar 2 sets") verschijnt op het schema, de live-pagina en de kaartjes.
Het klassement telt automatisch met leg- of setsaldo als scheidingscriterium.
Onder 📊 Statistieken bij elke uitslag registreer je 180's (aantal per speler) en de hoogste finish (de waarde, bv. 121). Op de live-pagina verschijnt dan vanzelf een klassement met de meeste 180's en de hoogste finish van het tornooi.
Kies bij het aanmaken van je tornooi de sport Darts. Daarmee schakelen de darts-specifieke functies vanzelf in: eindronde A én B, schrijvers, legs per ronde, check-in op de dag zelf en de statistieken 180's en Hoogste finish. Voeg elke speler toe als deelnemer — bij darts is een "ploeg" gewoon één speler.
Daar is de check-in voor. Vink op de dag zelf bij Deelnemers elke aanwezige speler aan en klik op Schema met aangemelde spelers. Poules, poulewedstrijden en eindronde A+B worden dan in één klik gemaakt met enkel de aanwezigen. Komt er toch nog iemand binnen, vink hem aan en genereer opnieuw.
Die spelen eindronde B. Eindronde A is de knock-out voor de nummers 1 en 2 van elke poule, eindronde B is een tweede knock-out voor de nummers 3 en 4 en iedereen daaronder (5e, 6e, ...). "A" en "B" zijn onze eigen benamingen, geen officiële darts-term. Zo blijft iedereen na de poules verder gooien in plaats van uitgeschakeld te zijn. Beide eindronden worden parallel over de blokken gepland zodat ze gelijk opschuiven.
Dat stel je per ronde in. Bij de korte formule gaat elke wedstrijd rechtstreeks naar X gewonnen legs, bijvoorbeeld 3 in de poules, 3 in de vroege knock-outrondes, 4 in de halve finale en 5 in de finale. Bij de sets-formule (PDC) gaat het naar X gewonnen sets van een vast aantal legs. In beide gevallen blijft eindronde B op het basisaantal, ook in de B-finale.
Dat kan pas zodra er een verliezer gekend is: in de knock-out wordt de schrijver namelijk de verliezer van een eerdere partij (behalve in de eerste ronde, waar een speler die later speelt al vooraf vaststaat). Zolang die vorige wedstrijd geen uitslag heeft, blijft het veld leeg — ook op de afgedrukte kaartjes staat dan een streepje. Zodra een uitslag wordt ingevoerd, herrekent het platform automatisch alle schrijvers die daardoor gekend raken; dat hoef je zelf niet bij te houden of manueel in te vullen.
Nee. De automatische schrijver houdt rekening met de planning: hij speelt op dat moment én in het volgende tijdslot zelf geen partij, en schrijft ook geen andere partij tegelijk. In de poule komen eerst de poulegenoten in aanmerking, daarna vrije spelers uit andere poules van dezelfde categorie. Is er niemand vrij — bv. bij een poule van 4 waarvan beide partijen tegelijk lopen — dan blijft het veld leeg in plaats van een speler te kiezen die zelf aan het spelen is. Vul de schrijver dan zelf in op de wedstrijdkaart. Verschuif je een wedstrijd in het schema, dan worden de automatische schrijvers meteen opnieuw berekend; handmatig gekozen schrijvers blijven staan.
Standaard toont de statistiek Hoogste finish per speler maar één getal: de hoogste uitworp. Wil je dat een speler al zijn uitworpen boven bv. 100 ziet staan? Ga naar het tabblad Puntentelling, zoek onder Houd spelersstatistieken bij de statistiek van het type Hoogste waarde en vul bij alle waarden tonen vanaf een drempel in, bv. 100. Sla op. In het klassement staat dan onder elke speler de lijst van zijn uitworpen vanaf die drempel, de hoogste eerst.
Voer elke uitworp in als een aparte regel: open bij de uitslag Statistieken, kies + Regel, het type Hoogste finish, de speler en de waarde. De scorer-app stuurt voorlopig enkel de hoogste finish door. Die vult dus één regel, de rest voeg je zelf toe. Laat je de drempel leeg, dan blijft alles zoals voorheen.