Bij plaatsingswedstrijden speelt elke poulepositie tegen dezelfde positie uit de andere poules. Zo speelt iedereen door en krijgt élke ploeg een eindplaats — handig voor jeugd- en clubtornooien waar niemand na de poules naar huis hoort te gaan.
Bij meer poules wordt elke positie een klein bracket: met 4 poules spelen de vier poulewinnaars halve finales en een finale voor plaats 1 tot 4, de vier tweedes spelen voor plaats 5 tot 8, enzovoort. Bij een oneven aantal poules krijgt één ploeg per positie een vrijstelling in de eerste ronde.
Je kan het ook meteen bij de opzet kiezen: een categorie zonder structuur toont de formaatkaart Groepsfase en plaatsingswedstrijden.
Wil je bovendien dat niet iedereen in de poule tegen iedereen speelt — bv. 8 ploegen in 2 poules van 4 met 2 wedstrijden per ploeg? Zie Niet iedereen tegen iedereen in de poule.
Let op: plaatsingswedstrijden vervangen de volledige eindronde van die categorie. Bestaande brackets van dat niveau verdwijnen.
Elke reeks wordt een eigen bracket met een sprekende naam: Plaatsen 1–2, Plaatsen 3–4, … Het rondelabel vermeldt de reeks, bv. Finale (3–4), in het schema, op de live-pagina, op tv en in de app. De ploegen worden automatisch ingevuld zodra de poules uitgespeeld zijn, en met de knop ↻ op een kaart bouw je één reeks opnieuw.
De laagste plaatsen worden als eerste gespeeld en de finale is altijd de laatste wedstrijd: bij 8 ploegen dus eerst plaats 7–8, dan 5–6, dan 3–4 en tot slot de finale. Heb je meerdere terreinen, dan lopen de reeksen naast elkaar en schuiven ze samen op; op één terrein volgen ze elkaar netjes op naar de finale toe.
Met losse wedstrijden voeg je extra wedstrijden toe buiten de poules en de knock-out — bv. één wedstrijd om de 3e/4e plaats of een galamatch.
In elke ploegkeuzelijst staat onder de gewone ploegen de groep Uit de knock-out, met opties zoals Winnaar W3 — Halve finale of Verliezer W3 — Halve finale.
Kies zo'n optie om een plaatsingswedstrijd te koppelen aan de uitkomst van een knock-outwedstrijd. De ploeg wordt automatisch ingevuld zodra die wedstrijd gespeeld is.
Voor de klassieke troostfinale (verliezers van de halve finales) hoef je niets handmatig te doen: klik op de knop 🥉 op de knock-outkaart en de troostfinale wordt automatisch aangemaakt.
Elke poulepositie speelt tegen dezelfde positie uit de andere poules. Bij twee poules speelt de 1e van A tegen de 1e van B om plaats 1–2, de 2e tegen de 2e om plaats 3–4, enzovoort. Bij meer poules wordt elke positie een klein bracket: met vier poules spelen de vier poulewinnaars halve finales en een finale voor plaats 1 tot 4.
Ja, dat is precies het punt: iedereen speelt door en niemand hoort na de poules naar huis. Je kiest wel zelf tot welke poulepositie je wil doorspelen — met Alle posities speelt iedereen.
De laagste plaatsen eerst, de finale altijd als laatste. Bij acht ploegen dus eerst plaats 7–8, dan 5–6, dan 3–4 en tot slot de finale. Met meerdere terreinen lopen de reeksen naast elkaar; op één terrein volgen ze elkaar netjes op naar de finale toe.
Nee. Voor een klassieke troostfinale (3e/4e plaats) klik je gewoon op de knop 🥉 op de knock-outkaart. Wil je één losse wedstrijd, gebruik dan + Losse wedstrijd; daar kan je als ploeg ook Winnaar of Verliezer van een knock-outwedstrijd kiezen, zodat de ploeg vanzelf ingevuld raakt. Let op: volledige plaatsingswedstrijden vervangen wél de bestaande eindronde van die categorie.